Slachtoffers worden vaak aangespoord om hun gedrag op een of andere manier te veranderen. Ze moeten ‘voor zichzelf opkomen’, ‘terugvechten’ of ‘doen alsof het hen niet raakt’, maar telkens opnieuw maken hun mislukte pogingen om het pesten te stoppen alles nog erger.
Op die manier krijgen sommige kinderen het gevoel dat het hun eigen schuld is. Maar dat is het niet! Hoe groot hun eigen moeilijkheden of onvolkomenheden ook zijn, het pesten is niet hun schuld en zij zijn ook niet verantwoordelijk om het te doen stoppen. We kunnen nooit stellen dat kinderen pestgedrag uitlokken. Geen enkel kind wil bewust gekwetst worden. Bovendien houdt deze stelling in dat het pestgedrag wordt geminimaliseerd of goedgepraat.
Uiteraard is er niets mis met assertiviteitstraining en het trainen van sociale vaardigheden. Maar dat wordt best gekaderd binnen de programma’s die gericht zijn op de sociaal-emotionele ontwikkeling van alle kinderen. Het kan zijn dat kinderen/jongeren die pesten, zien pesten of gepest worden, nood hebben aan extra persoonlijke begeleiding, maar dat staat naast de aanpak van het pestprobleem op korte termijn. Dit individuele traject bespreek je best met de ouders.
Victim blaming verschuift de verantwoordelijkheid naar degene die al kwetsbaar is. Hierdoor wordt iemand voor de tweede keer slachtoffer:
De belangrijkste regel is: een slachtoffer van pesten draagt nooit de schuld.