Weetjes over pesten

NIEUW: apestaartjarenrapport 2024

De digitale leefwereld van kinderen en jongeren 2024: cyberpesten 
  • 4 % van de tieners en jongeren krijgt structureel (minstens wekelijks) te maken met cyberpesten. Uitschelden, gemene dingen over het slachtoffer zeggen en roddels verspreiden zijn de meest voorkomendemanieren van cyberpesten
  • Meisjes geven vaker dan jongens aan al eens het slachtoffer geweest te zijn van online pesten. 
  • 1 op 2 tieners en jongeren geeft aan het voorbije jaar al eens getuige te zijn geweest van een online pestsituatie bij anderen.
  • 12% van de jongeren geeft aan bij niemand terecht te kunnen om te praten over online pestgedrag. Degenen met geen of weinig hulpbronnen zijn meteen ook de meest kwetsbare groepen in de samenleving: tieners en jongeren met een andere nationaliteit, die geen Nederlands thuis spreken en hoog scoren op materiële en sociale deprivatie. Ook jongens hebben het moeilijker om hierover met anderen te praten.
  • 58% van de tieners en de jongeren weet precies wie de pestkop is en 5% heeft een vermoeden. Maar liefst 21% zegt hier liever niets over; is er een angst om nog meer gepest te worden als ze zeggen wie het is?
  • 64% heeft gelukkig wel het gevoel dat ze hierover bij hun ouders kunnen aankloppen. Leerkrachten scoren nog altijd niet geweldig goed als vertrouwenspersoon (23%), dit ondanks het feit dat er op school veel meer over cyberpesten wordt gepraat dan in de thuiscontext.

bron: apestaartjaren 2024

4 %
van de tieners en jongeren krijgt structureel (minstens wekelijks) te maken met cyberpesten

Recente cijfers over pesten:

  • 1/5 van de Vlaamse kinderen wordt gepest tijdens hun jeugd (= 19,7%).
    Dit is een stijging van ongeveer 3,2% t.o.v. de cijfers van 2018.
  • Vooral in de groep van de 11-12-jarigen liggen de cijfers erg hoog: ongeveer 1/3 (= 29%) zegt het slachtoffer te zijn geweest van pesten.
    De cijfers dalen met de leeftijd, maar zelfs bij groep 17-18-jarigen wordt 12% gepest.
  • 1/12 (8,3%) van de bevraagde groep jongeren werd intens gepest (2 tot 3x/maand): jongens en meisjes worden ongeveer evenveel gepest.
  • 1/8 (12,2%) van de bevraagde groep jongeren geeft te kennen in de afgelopen maanden wel eens iemand te hebben gepest: jongens pesten opvallend meer (15,7%) dan meisjes (8,6%). Jongens (5,5%) vertonen vaker intens pestend gedag dan meisjes (2,2%).

Cyberpesten:
  • 1/8 is slachtoffer (= 12,3%). Dit is een stijging van 4,3% t.o.v 2018.
  • Meisjes (14%) zijn vaker slachtoffer dan jongens (10,6%). Enkel in de oudste leeftijdsgroep (17-18j) ligt het cijfer bij jongens hoger dan bij de meisjesgroep.
  • 1/23 van de jongens (4,3%) en 1/21 van de meisjes (4,6%)  worden intensief gecyberpest (2 tot 3x/maand): dit is een verdubbeling van de cijfers t.o.v 2018.
  • 1/11 is dader (9,2%): dit is een sterke stijging t.o.v. 2018 (5%). De stijging tekent zich vooral af bij jongens: van 5,6% (2018) naar 11,3% (2022) en dit in de groep van 11-12-jarigen: van 3,8% (2018) naar 10,5% (2022).
  • Intensief cyberpesten gebeurt vaker door jongens (4,7%) dan door meisjes (1,9%). In de jongensgroep neemt dit toe naarmate de leeftijd vordert: 5,4% van de 17-18-jarige jongens geef aan meermaals een ander/anderen te cyberpesten.

bron: HBSC studie 2022 (bevraging 2021/22)
lees het rapport
met de cijfers en duiding van het Vlaams Netwerk Kies kleur tegen Pesten

19.7 %
Vlaamse kinderen wordt gepest tijdens hun jeugd
  • 1/4 gepeste leerlingen vertelt niemand over het pesten (= 25%).
    • Van de groep die erover praat (3/4, 75%), vertelt 2/5 het niet aan hun leerkracht. (= 40%)
    • 1/5 van de leerlingen werd gepest aan begin van schooljaar (= 21% t.o.v. 12% aan einde van schooljaar).
    • Van de meer dan duizend bevraagde Vlaamse leerlingen in het vierde tot zesde leerjaar gaf bijna 4/5 aan dat leerkrachten (heel) veel kunnen doen om pesten te verminderen (= 77%).
    • Iets minder dan 1/2 van de jongeren vindt dat hun leerkracht pestsituaties vaak of altijd goed heeft aangepakt. (= 46%)

    bron: Teachers4Victims-studie van Hilde Colpin (KU Leuven) – april 2021

    1 4
    gepeste leerlingen vertelt niemand over het pesten

    Grensoverschrijdend gedrag in de sport

    3/4 van de sporters (= 75%) ervaart voor hun 18 jaar minstens één keer een of andere vorm van grensoverschrijdend gedrag (pesten is daar één vorm van):

    • 1/5 Vlaamse sporters (= 20%) en 1/4 Waalse sporters (= 25%) krijgen voor hun 18de te maken met seksueel grensoverschrijdend gedrag.
    • 1/2 sporters meldt fysiek grensoverschrijdend gedrag (= 50%).
    • 2/3 sporters krijgt te maken met psychisch geweld (= 66%).
    • 1/3 Vlaamse sporters (= 33%) en 4/10 Waalse sporters (=25%) werden verwaarloosd (= staan er alleen voor en krijgen geen steun/vriendschap).

    bron: CASES-onderzoek naar grensoverschrijdend gedrag in de sport (nov. 2021)

    Leerkrachten kunnen het verschil maken voor kinderen die gepest worden.

    De T-SUPPORT (Teachers SUPporting POsitive RelaTionships) studie toonde het verband tussen de kwaliteit van de leerkracht-leerling relatie en leerkrachtreacties enerzijds en de mate van slachtofferschap anderzijds.

    • leerlingen die de relatie met hun leerkracht als beter (namelijk nabijer of minder conflictueus) ervaarden, gaven aan minder vaak slachtoffer te zijn van pesten.
    • leerlingen die aangaven dat hun leerkrachten vaker op een actieve manier reageerde op pesten, ervaarden minder slachtofferschap.
    • leerlingen die daarentegen ervaarden dat hun leerkrachten vaker op een passieve manier reageerde op pesten, rapporteerden meer slachtofferschap.

    bron: T-SUPPORT-onderzoekrapport scholen (2023)